Je bevindt je hier: Home / Blogs / Blog / Red ik het wel?

Red ik het wel?

Hilda van der TuinEen moeder voelt angst. Het lukt niet om haar kindje geboren te laten worden. De ambulance komt voorrijden en met gillende sirenes vertrekken ze naar het ziekenhuis. Het kindje wordt met een spoedkeizersnee geboren. Het meisje ziet behoorlijk blauw en moet gelijk de couveuse in. Het is onduidelijk of er hersenbeschadiging is ontstaan. Het eerste jaar krijgt het kindje veel medische onderzoeken. Gelukkig blijkt dan dat er sprake is van een normale ontwikkeling en kan iedereen opgelucht ademhalen.

Dertien jaar later komt Roosmarijn bij mij in de praktijk vanwege paniekaanvallen op school. Zij zit in twee Havo en ervaart veel stress rondom huiswerk en toetsen. Dat is opmerkelijk want ze haalt eigenlijk heel goede resultaten.

Als ik haar ontmoet, zie ik een leuke, sportieve meid. Ze oogt beslist niet verlegen of onzeker. Ze vertelt over haar vriendinnen en haar hobby’s, en maakt gemakkelijk contact. Maar zodra het over school gaat verandert de sfeer. ‘Ik heb vaak buikpijn en maak me heel druk om mijn toetsen. Ook al heb ik goed geleerd, dan lukt het me nog niet om erop te vertrouwen dat ik het red. Ik slaap slecht in de toetsweek, moet soms bijna overgeven van angst en voel me heel naar. Ik wil heel graag van die paniekaanvallen af én leren vertrouwen op mijn voorbereidingen.’

Ik besef dat ik haar alleen kan helpen als het mij lukt te achterhalen waar ze de belemmerende overtuiging heeft opgedaan dat zij niet goed kan leren.

Opeens herinner ik me iets dat mij opviel in mijn eerste afspraak met haar moeder. Ergens in dat gesprek vertelde ze mij dat de bevalling van Roosmarijn heel onprettig is verlopen. Ik realiseer mij dat daar een invalshoek kan zitten en ik vraag Roosmarijn om de volgende keer haar babyfotoboek mee te nemen. Ze kijkt verbaasd, maar zegt dat ze het aan haar moeder zal vragen.

De volgende sessie komt Roosmarijn binnen met een fotoalbum onder de arm. Zij vertelt dat zij dit babyboek eigenlijk nog nooit gezien heeft. We besluiten om het samen te bekijken. Als we de bladzijden omslaan valt ze helemaal stil. We zien een heel klein babymeisje in de couveuse, met allemaal plakkertjes op de borst. We zien witte uniformen van artsen en verpleegsters. We zien een heel klein mensje in warme doeken bij haar moeder op schoot. Roosmarijn begint stilletjes te huilen. Ik vraag haar of zij ook de emoties van haar ouders van de foto’s kan aflezen. Dit kan ze verbazingwekkend goed. Ze ziet blijdschap maar ook spanning. Ze ziet trots maar ook angst.

Ik besluit een laagje dieper te gaan en vraag haar wat het overheersende gevoel zou zijn geweest. Ze denkt dat haar ouders zich zorgen maakten over de eventuele gevolgen van het zuurstofgebrek tijdens de bevalling. Dit laten we even op ons inwerken.

Dan vraag ik haar wat de dokters wellicht gezegd hebben. Roosmarijn denkt dat ze misschien iets gezegd hebben als: ‘Wij weten niet of ze het redt. Of ze zich goed zal ontwikkelen.’ Voorzichtig vraag ik of dit ook is wat zij denkt ten aanzien van haar toetsen. Verwonderd kijkt ze op. ‘Ja…’

Twee weken later zie ik Roosmarijn terug. Zij is bijzonder vrolijk. Ze heeft veel gesproken met haar moeder over haar babytijd en is blij met de informatie. Ze vindt het nog steeds wel moeilijk te begrijpen wat dit allemaal te maken heeft met haar huidige angsten. Ik leg uit dat een baby helemaal afhankelijk is van gevoelsindrukken. Zij heeft als kind heel duidelijk gevoeld dat er om haar heen veel onzekerheid was over haar ontwikkeling. Dit heeft zich in haar onderbewuste vastgezet en ervoor gezorgd dat zij nu vergelijkbare angsten meedraagt op school. Maar dit zijn niet haar eigen angsten; dit zijn overgenomen angsten van haar ouders. Roosmarijn mag deze loslaten. Wij doen een uitgebreide oefening waarbij zij zich voorstelt dat zij de gevoelens opruimt. Dit resulteert in een gevoel van opluchting.

Wij zien elkaar hierna nog één keer. Roosmarijn vertelt stralend dat de buikpijn weg is en dat ze een nieuw motto heeft: ‘Goed is goed genoeg’. We besluiten het traject af te ronden. Moeder bedankt mij hartelijk dat ik de moed heb gehad dit geboorteverhaal te betrekken bij het traject. Zij hebben nooit vermoed dat de start zo’n impact heeft gehad op hun dochter. En ik? Ik ben blij dat het gelukt is het échte verhaal boven water te krijgen.

Geplaatst op 18 juli 2016

Bekijk hier het complete blogoverzicht

 

 

 

 

 

 

Contact

  • Postbus 365, 1270 AJ, Huizen 
  • T +31  (0)35 542 95 48 

Winkelwagen

 x 
Totaal: 0.00
Je winkelwagen is leeg